Het turnen wordt gerichter op de techniek beoefend. Verkennen van de eigen mogelijkheden en grenzen in bv wandrek (diepspringen) en met de minitramp. Respecteren van elkaars grenzen is een aandachtspunt. Spelvormen zoals basketbal, slagbal en handbal worden behandeld en geoefend. In de spelsituaties wordt het tactische aspect uitgebouwd door plezier en bewustzijn te wekken voor de eigen mogelijkheden en voorkeursposities (aanvaller/ verdediger/leider) in spelen.
Euritmie: Bij de ruimtelijke bewegingsvormen is de geometrie een centraal thema. Er wordt gewerkt aan het lopen van geometrische vormen, waarbij de kinderen leren de ander waar te nemen. De lichaamscoördinatie wordt verder geoefend aan de hand van staafoefeningen en oefeningen waarbij handen en voeten onafhankelijk van elkaar bewegen.