Naast de bewegingsoefeningen die in de klas worden gedaan, is dit voor de kinderen het eerste jaar dat ze gym krijgen in de gymzaal. De verschillende grondvormen van bewegen worden beoefend zoals het koprollen en het touwzwaaien. Ook wordt een start gemaakt met het springen: diepspringen vanuit stand en later met aanloop en het minitramp springen met een verhoogde aanloop. Tijdens de spelvormen ligt de nadruk op het samen spelen en het ervaren van de groep tegenover het individu (tik/ vang- spelen).
Euritmie: Er wordt gewerkt aan de woordkwaliteiten, onder andere bij het scheppingsverhaal. De kinderen leren in de muziek motieven te onderscheiden en verschillende ritmes te lopen. Ook wordt er geoefend met het lopen van de spiraal, driehoek en vierkant.