Deze periodes stimuleren de kinderen om tot een bewustere en fantasievollere verbinding met de eigen omgeving te komen. In de twee heemkundeperiodes (vaak in de herfst, over de bomen en in de lente over de bijen) maken de kinderen een verkenningstocht door de natuur aan de hand van verhalen, knutselwerkjes, liedjes, gedichtjes, tekeningen en wandelingen.